We deelden veel, maar één ding deelde ik niet…

Op doorreis naar een paardondersteunend gezinsweek voor de Duitse strijdkrachten na militaire uitzending was mijn tussenstop de Care Farm van Henrich en Gitti. Thuiskomen! Een plek waar je aankomt en het een uitdaging is om te vertrekken. Het voelt als een oude stamkroeg. Een ‘trading post’ waar in het wilde westen handel werd gedreven. Hier wordt ‘handel gedreven’ in delen, ervaren, ontdekken, saamhorigheid en toelating. Op het einde van de dag belandden degenen die zin hadden, klaar waren met werk, op doorreis waren, gewoon even hallo kwamen zeggen of wat dan ook aan de grote tafel. We deelden eten, verhalen en ervaringen.

Een vreemde eend in de bijt…

De volgende dag reisde ik verder met 2 Horse Boy-ers.  We deelden een auto, eten en de ervaring onderweg naar een prachtige plek tegen de Tsjechische grens. Daar ontmoette ik het team (die bestond uit psychologen, coaches, ervaringsdeskundigen en paarden) en de militairen met hun families. Een beetje gek vond ik het wel. Ik heb geen direkte achtergrond met Duitsland en de militaire wereld. Ik kwam binnen als een vreemde eend in de bijt, maar dat veranderde al vrij snel…

We deelden het ongemak bij aankomst. Ieder kwam daar voor een reden, ontstaan vanuit ervaringen dat ook voor een gezond zenuwstelsel en hersenen te veel kan zijn, een overload aan informatie dat voorbij gaat aan gewoon menselijk functioneren. De toelating hiervan was groots en moedig. We deelden de ochtend en avond impuls. Wat er gezegd werd of juist (nog) niet. Samen zingen, lachen of een moment van stilte. Samen in de toelating van een trillende stem die groots een enkel woord uitsprak. Een moment pakken voor een uitademing. Een deelsel. Kwetsbaar. Elkaar zien. Dankbaar.

Misschien was het ook een beetje meer toelating van dat naar mezelf…

Op de eerste dag tijdens de Horse Boy neurowetenschap uitleg, deelden we mijn ervaring van een ingrijpende gebeurtenis, mijn zoektocht, de uitdagingen en het ervaren van de wereld in frequenties en vibraties. De bijdrage van natuur, bewegen en dieren voor herstel. Ik schrijf bewust ‘we’; Ik sprak Engels op mijn blote voeten, een flesje water in mijn hand en 2 steentjes in mijn zak. Een mooie ingang wat opende tot oprechte vragen, want kleine veranderingen kunnen bijdragen aan aanwezig kunnen zijn in het moment en zenuwstelselregulatie. Het team vertaalde waar nodig naar het Duits. De deelnemers deden mee met vragen stellen, aanmoediging en toelating.

Na de uitleg raakte ik in gesprek met een jongeman. Zijn nieuwsgierigheid naar hoe ik de wereld ervaar en zijn passie voor de Engelse taal maakten dat hij een vraag durfde te stellen. Die ene vraag mondde uit tot een diepe conversatie. We spraken over synesthesia, chromosomen, de communicatie van bomen met hun wortelstelsel. We deelden onze ‘nerdiness’ over frequenties voelen en zien. Over de groen/gele tonen van muziek die verzachten in een violet ‘swirl’,  dat voelt als een fluffy deken op een zomeravond. Over hoe kunst ruikt en persoonlijkheden kleuren hebben. Over het voelen van subtiele energieën. Aan het einde van die eerste ochtend kwam bij mij het besef van de bijdrage van het delen van mijn ervaringen. De opening voor anderen, herkenning, het durven praten of een knuffel komen halen.
Misschien was het ook een beetje meer toelating van dat naar mezelf…

We deelden veel, maar één ding deelde ik niet…

We deelden met elkaar; het team en de deelnemers. Dragen en gedragen worden. We luisterden, maakten ‘Waldgeister’ van leem op de bomen. We klommen, klauterden, zaten om het kampvuur. We speelden, aten samen, lachten en huilden. We deelden ruimtes, bos, creaties en de dieren. We deelden koffie, verhalen en tape ter ondersteuning van de ongemakken van het lichaam. We deelden folie om naar de zonne-eclips te kijken. Lachten om de vertalingen in het Engels en Nederlands van ‘Sternschnuppe’.  Dit woord omschrijft de wens en het verlangen dat het dichtst bij kwam bij wat we zagen.

We deelden veel, maar één ding deelde ik niet; mijn eigen kamer. Wat heb ik hard aan mezelf gewerkt om ‘gewoon’ helder te zijn en uit te spreken dat ik een kamer voor mij alleen nodig heb. Dat is geen luxe voor mij. Het is een basisvoorwaarde, net als zuurstof om te ademen. Het is zenuwstelselregulatie. Om even niet alles te voelen. Verwerken van een organisch systeem die de kleinste subtiele energieën oppikt. Het is ‘practise what you preach’. Energetische begrenzing. En met name… in de toelating zijn van mijzelf.

De behoeft om alleen te zijn, te processen en mijn organisch systeem dat te geven wat ze nodig heeft; ‘snachts douchen om een ‘sense of self’ te hebben of nog even wandelen om de volgende dag weer paraat te staan.

Samen in andere velden…

De laatste dag mocht ik met jou, Basia, delen. Jij, die zoveel kan dragen, ‘gewoon’ je werk doet, gewoon één van de velen bent. Dank jou, Basia, voor het dragen van niet alleen de grote mannen, maar ook hun verhalen. Dank jou dat je me toeliet en dat we samen de heuvel af en weer op gingen. Dank je wel dat je hen liet lachen en zingen en dat we samen ons ding konden doen. Dank jou dat jij je opende om samen in de andere velden te zijn. Dank je wel voor jou.

Zijn feedback raakte mij…


De avond voor vertrek was er een samenzijn rond het kampvuur. Voordat we ‘stockbrot’ gingen maken was er een laatste ronde waarin de mogelijkheid was om te delen wat de week voor iedereen betekende. Wederom geleid door de kapelaan van de militaire geestelijke verzorging. Bewonderenswaardig, want deze man was zelf net terug van een missie in het buitenland. Bewonderenswaardig hoe hij alle dagen met een inzicht kwam, een vraag om over te ponderen, gitaar speelde, luisterde en ook helder sprak. Maar ook een goed gevoel van humor had. Zijn uiterste best deed om ieder een gevoel van thuis te geven. Zijn unieke kijk op de wereld en zijn inzichten deelde over de mens en de mogelijkheid dat we uit sterrenstof bestaan. Door dit alles heen voelde ik de zwaarte en de processen die nog verwerkt mogen worden. Dat hij dat die avond deelde met de groep getuigt van moed. Zijn feedback raakte mij. Hij liet mij mijn capaciteiten voelen en ook daar in die grote kring was het ook weer een beetje meer toelating van dat naar mezelf. .

Een ‘sisters in arms’ gevoel…

Voorbij aan de taalbarrière was de uitwisseling groter en soms te kwetsbaar om in elkaars ruimte te zijn. We snapten het beiden en er was volledige toelating. En dan toch bij vertrek die intense omhelzing. Herkenning. Geen woorden. Een ‘sisters in arms’ gevoel, wel of geen militair. En dan de zachte creatieveling die tijdens het afscheid mij nog snel een zakje instant koffie in mijn handen duwde Zo’n groot gebaar want we snapten beiden dat we elkaar gehoord en gezien hadden. Degenen die de Engelse taal niet machtig waren en toch probeerden om iets in het Engels te zeggen, dat stond symbool voor een gevoel van kameraadschap.

Ik arriveerde als vreemde eend in de bijt en vertrok met een gevoel van verbondenheid. De militairen lieten mij een imprint voelen wat ik noem een ‘code of life’; No one will be left behind (niemand zal achtergelaten worden). Een ervaring waar ik nog veel inspiratie uit zal halen.


Na een week kwam ik weer aan op het tussenstation. En de uitdaging om te vertrekken maakte dat ik langer bleef dan gepland…

Need Help? Chat with us